SluitenHelpPrint
Switch to English
Cursus: 200300480
200300480
Introductie gedragswetenschappen
Cursus informatieRooster
Cursuscode200300480
Studiepunten (ECTS)7,5
Categorie / Niveau1 (Bachelor Inleiding)
CursustypeCursorisch onderwijs
VoertaalNederlands
Aangeboden doorFaculteit Sociale Wetenschappen; Undergraduate School Sociale Wetenschappen; Algemene Sociale Wetenschappen;
Contactpersoondr. J.T. Thijs
E-mailj.t.thijs@uu.nl
Docenten
Docent
dr. J.T. Thijs
Overige cursussen docent
Docent
prof. dr. M.J.A.M. Verkuyten
Overige cursussen docent
Blok
2  (11-11-2013 t/m 24-01-2014)
Aanvangsblok
2
TimeslotA: MA-ochtend, DI-namiddag, WO-ochtend
Onderwijsvorm
Voltijd
Cursusinschrijving geopendvanaf 19-08-2013 t/m 20-08-2013
Inschrijven via OSIRISJa
Inschrijven voor bijvakkersJa
VoorinschrijvingNee
WachtlijstNee
Plaatsingsprocedureniet van toepassing
Cursusdoelen
  • Studenten moeten in staat zijn om de belangrijkste gedragswetenschappelijke verklaringen van menselijk denken, voelen en gedrag samen te vatten en toe te passen op alledaagse verschijnselen
  • Studenten moeten kunnen aangeven op welke wijze algemeen menselijke, culturele en maatschappelijke factoren in samenhang bestudeerd kunnen worden
  • Studenten moeten kunnen aangeven hoe gedragswetenschappelijke kennis in functie staat van de uitgangspunten, opzet, uitvoering en uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek
Inhoud

In dit tweede theoretische moduul gaat de aandacht uit naar menselijke mogelijkheden en beperkingen in de vorm van psychologische patronen en gegevenheden. Deze worden bestudeerd in het licht van het concrete handelen van mensen in de context van hun leefsituatie. Het menselijk handelen wordt gestuurd door zowel eigen verlangens, behoeften en waarnemingen als door maatschappelijke en culturele processen en condities. Deze verschillende invloeden kunnen tot op zekere hoogte apart bestudeerd worden. Zo zijn psychologische patronen en gegevenheden onlosmakelijk verbonden met maatschappelijke en culturele condities, maar dat betekent nog niet dat ze daartoe gereduceerd kunnen worden.

Om zinnig over vraagstukken van individu en samenleving te kunnen nadenken is kennis nodig over kenmerken en processen van het menselijk organisme. Uitgangspunt van de cursus is het adaptieve vermogen van mensen. Dit betekent dat de nadruk ligt op het zeer uitgebreide leer-, ervarings- en verwerkingsvermogen, eigen aan de menselijke soort. In de cursus wordt eerst ingegaan op de kenmerken en consequenties van dit uitgangspunt. Deze worden uitgewerkt aan de hand van verschillende mensvisies en wetenschappelijke modellen die in de gedragswetenschappen worden gebruikt. Hierbij komt ook het belangrijke vraagstuk van de verhouding van erfelijkheids- en omgevingsinvloeden in het menselijk gedrag aan de orde. Vervolgens wordt ingegaan op een aantal onderwerpen zoals waarneming, denken, emoties, attituden en sociale beïnvloeding. Deze onderwerpen worden steeds bestudeerd in samenhang met maatschappelijke en culturele omstandigheden en in het licht van de vraag hoe zij het concrete menselijk handelen beïnvloeden.
 
Academische vaardigheden
Leervaardigheden
Oordeelsvorming
Het verwerven van kennis en inzicht
Het toepassen van inhoudelijke kennis
Communicatievaardigheden (schriftelijke uitdrukking)
 
Ingangseisen
Voorkennis
Geen
Bronnen van zelfstudie
Boek; college-aantekeningen
Verplicht materiaal
Boek
Glassman, W.E. & M. Hadad (2013). Approaches to psychology. 6th Edition. Ryerson University, Canada. ISBN: 0077140060
Werkvormen (aanwezigheidsplicht)
Hoorcollege

Voorbereiding bijeenkomsten
Bestudering van de bijbehorende literatuur.

Inzage (Verplicht)

Responsiecollege

Virtual Classroom (Verplicht)

Werkgroep (Verplicht)

Voorbereiding bijeenkomsten
Bestudering van de literatuur en het oefenen in opdrachten van concepten en theorieën. Er wordt een actieve inbreng verwacht bij discussies en presentaties in de werkgroep. Voor de bijeenkomsten wordt steeds een deel van het tekstboek bestudeerd. Tijdens de bijeenkomsten wordt geoefend met tentamenvragen. Ook wordt er aandacht besteed aan het schrijven van een paper.

Toetsen
Deeltentamen A
Weging50
Minimum cijfer5,5

Beoordeling
Er is een schriftelijke toets.

Deeltentamen B: deeltoets 40%+paper 10%
Weging50
Minimum cijfer5,5

Beoordeling
Er is een schriftelijke toets die 40% van het deeltentamen vormt. Daarnaast is er een paper dat voor 10% meetelt. Het resultaat van beide toetsvormen moet samen minimaal 5,5 zijn.

SluitenHelpPrint
Switch to English